Frieda Burger

Frieda Burger werd geboren in Antwerpen op 9 januari 1910. Ze was Joodse met de Belgische nationaliteit. Ze trouwde op 15 september 1933 met Abraham Zucker. Abraham Zucker werd op 2 mei 1906 geboren in Máramarossziget, in Oostenrijk-Hongarije. Abrahams vader Mozes (°1881, Beregszag) was reizend wijnhandelaar en verhuisde in maart 1930 naar Berchem. Abrahams moeder Etel Fesztinger (°1884, Máramarossziget), zijn broer Armin (°5/4/1914, idem) en zijn zussen Gizella (°8/12/1911, idem) en Paula (°22/5/1918, idem) volgden in mei 1930. Abraham maakte in juni 1930 met zijn broer Jozef Izak (°15/5/1910, idem) de reis naar België. Ze werkten er in de wijnhandel van hun vader.

Na hun huwelijk verhuisden Abraham en Frieda naar de Lange Leemstraat 369 in Antwerpen. Op 10 oktober 1934 kregen ze hun eerste zoon, Henri. Op 27 oktober 1935 volgde de tweeling Renée en Liliane. Op 29 mei 1937 overleed Abrahams vader Mozes. Twee maanden later, op 28 juli, beviel Frieda van een dochtertje, Yolande. De kinderen werden allen geboren als “staatlozen”. Wellicht verhuisde het gezin in 1939 met Abrahams moeder Etel naar de Boomgaardstraat 207. Etel verhuisde in augustus 1940 naar de Ketsstraat 23.

Op 10 mei 1940 viel nazi-Duitsland België binnen. De bezetter installeerde een militair bestuur dat anti-Joodse verordeningen uitvaardigde, waaraan ook Abraham, Frieda en hun gezin moeten gehoorzamen. Vanaf 28 oktober 1940 moesten alle Joodse inwoners ouder dan 15 jaar zich registreren in het gemeentelijke Jodenregister. Op 20 december schreven Abraham en Frieda zichzelf in Antwerpen in. In de zomer van 1941 werden hun identiteitskaarten in het rood bestempeld met de woorden “Jood-Juif”. In het voorjaar van 1942 verplichtte het bestuur alle Joden om hun gezin te registreren bij de lokale afdeling van de Jodenvereniging. Abraham deed dat op 14 april 1942 in Antwerpen. Vanaf 1 juni 1942 werden alle Joden ouder dan zes jaar verplicht de gele Davidster te dragen. Omdat Abraham de Hongaarse nationaliteit had, werd hij daar aanvankelijk van vrijgesteld. Tot de lente van 1944 was Hongarije immers een bondgenoot van nazi-Duitsland en werden Hongaarse Joden gespaard. Vanaf augustus 1942 gold de verordening over het dragen van de ster echter ook voor Hongaarse Joden in België.

In de zomer van 1942 organiseerde het bezettingsbestuur de massale verzending van Arbeitseinsatzbefehle en razzia’s in Antwerpen en Brussel. Het gezin Zucker-Burger wist aan die tewerkstelling en arrestaties te ontkomen. Omdat Frieda de Belgische nationaliteit had, werd zij niet geviseerd tijdens de razzia’s. Hongarije was op dat moment nog een bondgenoot van nazi-Duitsland, waardoor Abraham in theorie enige bescherming genoot. Het is echter niet duidelijk hoe hij de volgende oorlogsjaren beleefde. Abraham en Frieda verhuisden in december 1942 met hun kinderen naar de Korte Herentalsestraat 9 in Antwerpen. Enkele maanden later, op 29 juni 1943, besloot de bezetter de bescherming voor Belgische Joden op te heffen. In de nacht van 3 op 4 september 1943 pakt de Sipo-SD, met hulp van Duitse en Vlaamse SS’ers, onder andere 225 Belgische Joden op in Antwerpen en 750 in Brussel. Frieda, Liliane, Renée en Henri werden aangehouden. Zij werden op 4 september in de Dossinkazerne toegevoegd aan de transportlijst van transport XXIIB, onder de nummers 409 tot en met 412. Op 20 september 1943 vertrokken Transport XXIIA en XXIIB naar Auschwitz-Birkenau. 875 gedeporteerden werden er meteen vergast, wellicht ook de jonge kinderen Liliane, Renée en Henri. Wat er met Frieda gebeurde, is niet bekend. Vermoedelijk werd ze onmiddellijk samen met haar kinderen vermoord.

De jongste dochter van het gezin, Yolande, werd wellicht al vóór de razzia van september 1943 opgevangen in het dorpje Viller-sur-Lesse, nabij Rochefort. Haar getuigenis over het leven in de onderduik kan je hier en hier bekijken.

Abraham ontkwam aan arrestatie en overleefde de oorlog. Hij woonde tussen maart 1945 en maart 1950 op verschillende adressen in Antwerpen. Hij werd handelaar in benodigdheden voor de diamantsector en begon een relatie met Mina van Dam, een handelaarster uit Eindhoven die ook sinds de jaren dertig in Berchem woonde. In februari 1951 verhuisden zij naar de Statiestraat 104 in Berchem. Daar werd Abraham herenigd met zijn dochtertje Yolande. Op 1 april 1954 trouwde hij met Mina.

Max Van Lint
Stagiair
Laatst bijgewerkt op 18/09/2025

Feedback