Gezin Fischler-Hollander

Mojzecs Fischler en zijn gezin, zijn vrouw Serka Hollander (44), zijn oudste dochter Sonia Laja (20), de jongere kinderen Beila Ruchla (13), Munisz (12), en Jozef (8) worden afgeleverd in Mechelen op 29 augustus 1942.

Gedeporteerd vanuit de Dossinkazerne op 1 september 1942 met transport 7
Serka Hollander, haar zoon Jozef en haar man Mojzecs Fischler in de jaren ’30, en de kinderen Sonia Laja Fischler, Munisz Fischler, Beila Ruchla Fischler
Mojzecs Fischler, een orthodoxe Jood van 50 jaar oud, diamantmakelaar van beroep, woont in het verlengde van de Jodenbuurt van Antwerpen, in Borgerhout. Tijdens de nacht van de tweede razzia van de Endlösung worden 12 Joden in zijn straat, de Bouwhandelstraat, aangehouden. Mojzecs Fischler en zijn gezin, zijn vrouw Serka Hollander (44), zijn oudste dochter Sonia Laja (20), de jongere kinderen Beila Ruchla (13), Munisz (12), en Jozef (8) worden afgeleverd in Mechelen op 29 augustus 1942. Op 1 september brengt transport 7 hen naar Auschwitz-Birkenau.
Bij dit transport, waarvan 85 procent van de vrouwen en de meisjes bij aankomst worden vergast, hebben een moeder, haar volwassen dochter en de drie kinderen die ze onder hun hoede hebben, nauwelijks een overlevingskans. Het gezin Fischler-Hollander laat na hun deportatie geen spoor na.
Publicatieinfo

ADRIAENS Ward, STEINBERG Maxime (e.a.), Mecheln-Auschwitz, 1942-1944. De vernietiging van de Joden en zigeuners van België, 4 delen, Brussel, 2009.

Dr. Maxime Steinberg & Dr. Laurence Schram