Gabriel Bauden

Bron: Privé coll.
Jenny Imberechts heeft tot aan haar dood in alle stilte enkele – voor haar zeer bijzondere –  souvenirs van haar grote liefde Gabriel Bauden bewaard. De foto’s en postkaarten werden door een bevriende familie ontdekt na haar dood.
Deze documenten werden vervolgens door een erfgenaam van de familie aan Kazerne Dossin bezorgd. In de begeleidende brief die hij ons schrijft, lezen we:

“Het blijft zeer confronterend om plots oog in oog te staan met een man die wij nooit hebben ontmoet en geen familie was, maar die voor zijn vriendin Jenny, iemand die wij zeer goed hebben gekend, toch een heel bijzonder persoon moet zijn geweest. Jenny bleef na het verdwijnen van Gabriel alleen met haar moeder, die op 9 december 1944 omkwam door het bombardement met een V2 op het gebouw van de Agence Maritime Internationale aan de Meir/Katelijnevest in Antwerpen…

De briefkaart geschreven in Dossin en de brief die Gabriel vanuit de trein toewierp aan spoorwegbedienden, zijn frappante getuigenissen van de gruwel die de mensen hebben doorstaan.  Ik hoop van harte dat ze een meerwaarde betekenen voor uw onderzoek en een plaats verdienen in het museum”.

Maar wat was het lot van Gabriel Bauden? 

Gabriel komt aan in België in 1932. Hij gaat er in Knokke aan de slag in een hotel, weliswaar zonder vergunning.  Wanneer hij door de Staatsveiligheid ontdekt wordt, dreigt hij het land uitgezet te worden. Gabriels moeder van 63 en zijn zus wonen echter al sinds 1928 in Antwerpen en omdat Gabriel in hun onderhoud moet en kan voorzien, stelt de Staatsveiligheid voor om zijn verblijf te regulariseren. De klerk die zijn vreemdelingenfiche opmaakt, de nota daarvan opstelt gelooft dat het om een humane daad gaat.

Toch wordt Gabriel hier niet mee gespaard wat betreft administratieve rompslomp: hij moet regelmatig zijn verblijfsvergunning vernieuwen en ook het verkrijgen van een geldige werkvergunning blijkt geen sinecure. In 1938 wordt hij als matroos aangenomen maar een schip zal hij nooit van dichtbij zien: de job wordt hem verboden omdat hij in België ondertussen geregistreerd staat als hotelmedewerker. Hij moet zich bijgevolg aan dat beroep houden.

Hij verhuist naar Blankenberge waar hij gedurende de daarop volgende twee jaar aan de slag is in een hotel op de dijk. In 1940 houdt hij de kust voor bekeken en trekt hij bij zijn moeder in en helpt haar bij haar bezigheid als deur-aan-deur verkoopster.

Ontboden bij de Dossinkazerne met een zogenaamd werkbevel, wordt Gabriel Bauden op 8 augustus 1942 ingeschreven op de lijst voor het derde transport.  Op 11 augustus, de dag waarop het tweede transport Mechelen verlaat, informeert hij zijn geliefde Jenny over de levensomstandigheden in het verzamelkamp. Op 15 augustus 1942, stapt Gabriel op transport III.

Gabriel arriveert op 17 augustus 1942 in Auschwitz en wordt bij aankomst meteen geselecteerd om te werken. De levens- en werkomstandigheden in het kamp zijn echter zo erbarmelijk dat hij het nog geen maand volhoudt. De kampadministratie registreert zijn overlijden op 15 september 1942.

De moeder van Gabriel wordt bij de eerste razzia in Antwerpen (nacht van 15 op 16 augustus) opgepakt in haar woning. Gedeporteerd op transport IV, met een leeftijd van 73 heeft de arme vrouw geen schijn van kans om te overleven…